Volgens de wet moet je kinderen tot 135 cm in een goedgekeurd autostoeltje vervoeren. Omdat dit in de praktijk niet altijd gaat, staan er in de wet een paar uitzonderingen. De meeste van deze uitzonderingen gelden niet als je kind jonger dan 3 jaar is. Wij adviseren om kinderen wel altijd in een autostoel te vervoeren.

Uitzondering bij vervoer in je eigen auto

  • Als je een auto hebt die geen gordels achterin heeft, mag je kinderen die jonger dan 3 jaar zijn niet achterin vervoeren. Kinderen vanaf 3 jaar en volwassenen mogen wel zonder gordel op de achterbank zitten.
  • Als je een auto hebt die geen gordels voor- en achterin heeft, dan mag je kinderen die jonger dan 3 jaar zijn niet vervoeren. Kinderen vanaf 3 jaar en 135 cm of kleiner is, mag je alléén achterin vervoeren. Iedereen die langer dan 135 cm is mag voorin zitten.
  • Als je op de achterbank al twee autostoeltjes hebt en er geen plaats is voor een derde, dan mag je kinderen vanaf 3 jaar op de achterbank met de autogordel vervoeren. De autogordel moet dan wel altijd voor de borst van je kind langs lopen, dus niet achter de rug.
  • Bij bijzondere redenen of omstandigheden (bijvoorbeeld een gipsbroek) kun je vrijstelling aanvragen bij het CBR.
  • Als iemand in een rolstoel zit, mag je diegene in de rolstoel vervoeren.

Uitzonderingen bij vervoer in andere auto’s

Het kan gebeuren dat je kind in een auto van anderen meerijdt. Bijvoorbeeld bij de kinderopvang, school, de BSO of bij een uitstapje van de sportclub. Vanaf dat je kind drie jaar is, en het uitstapje niet wekelijks of maandelijks is, dan mogen anderen je kind zonder autostoel vervoeren.

In dit geval geldt verder ook:

  • Kinderen vanaf 3 jaar mogen alleen achterin en met de autogordel om worden vervoerd.
  • Vervoer mag allen plaatsvinden over een beperkte afstand, dus geen vakantiereis.
  • Er moet echt sprake zijn van het incidenteel vervoeren van kinderen van iemand anders. Naar een uitwedstrijd van het sportteam kan dus soms voorkomen. Maar wekelijks naar de zwemles of kinderopvang is niet incidenteel. In dit geval moeten alle kinderen in een autostoel zitten. Ook voor de kinderopvang geldt, dat wanneer zij bijvoorbeeld elke week een stukje rijdt met de kinderen van de buitenschoolse locatie naar school, er geen sprake is van een uitzondering. Bij zowel auto of busvervoer t/m 8 personen, moet de bestuurder dus zorgen voor voldoende, passende autostoelen voor de kinderen. Voor taxi’s (te herkennen aan het blauwe nummerbord) gelden weer andere regels.
  • Zijn er autostoeltjes in de auto aanwezig? Dan moeten deze gebruikt worden.

Weet je van te voren dat je kind met iemand anders in de auto meerijdt, dan adviseren wij om altijd een autostoel te gebruiken. Dat is veiliger. Ook al is het een incidenteel en kort ritje.

Vervoer jij zelf soms andere kinderen? Dan hoeven ze wettelijk gezien dus ook niet in een autostoel. Ben jij de bestuurder van de auto? Dan moet je eigen kind wel altijd in een autostoel zitten.

Uitzondering taxivervoer

  • Als in taxi’s (te herkennen aan een blauw nummerbord) geen autostoeltje aanwezig is, mogen kinderen vanaf 3 jaar op de achterbank met de autogordel vervoerd worden.
  • Kinderen jonger dan 3 jaar mogen “los” op de achterbank vervoerd worden, bijvoorbeeld op schoot.
  • Op de bijrijdersstoel mogen alleen kinderen vervoerd worden die langer dan 135 cm zijn, uiteraard wel met de autogordel om.

Uitzondering busvervoer

In stads- of streekbussen die volgens een dienstregeling rijden én in bussen waar staanplaatsen zijn, is het dragen van gordels niet verplicht.
Wettelijk is het dragen van een gordel in een touringcar wel verplicht. In oudere touringcars waar geen gordels in zitten (van voor 1995), hoef je ook geen gordel om.

Het toegestane aantal passagier staat vermeld op de vergunning die in de touringcar aanwezig moet zijn, en is bepaald door het aantal zitplaatsen. Iedereen vanaf 4 jaar, moet een eigen zitplaats hebben. Zitplaatsen mogen niet gedeeld worden. Kinderen onder de 4 jaar mogen “los” of bij iemand op schoot vervoerd worden, zij mogen de gordel niet delen.

Bron: veiligheid.nl