GRIEP          KOORTS          VERKOUDHEID    

 

Kinderziekten

Het is een feit dat kinderen kinderziekten krijgen. Waterpokken, de bof en de mazelen zijn daar bekende voorbeelden van. Maar wat kunnen kinderen eigenlijk allemaal voor kinderziekten krijgen? Zijn wij als ouders verplicht om onze kinderen te vaccineren voor bepaalde kinderziekten? Wat is een vaccinatie of inenting eigenlijk? Hoe kunnen wij een kinderziekte herkennen en wat kunnen we er tegen doen om de kinderen zo snel mogelijk te laten genezen van deze vaak vervelende kinderziekten?

Veel ouders hebben er verschillende vragen over. Wij trachten hier zoveel mogelijk informatie te geven, voor alle ouders met kinderen.

Wat zijn kinderziekten?

Er zijn een aantal kinderziekten die veel voorkomen, waaronder De Vijfde Ziekte, De Zesde Ziekte en Pseudokroep. Misschien had je er weleens van gehoord van iemand uit je omgeving, maar (gelukkig) nog niet aan de lijve ondervonden. Het is handig als we alle veelvoorkomende kinderziekten even voor je op een rijtje zetten, dit is wat je moet weten!

In de volksmond doelt men met het woord kinderziekten op infecties die met name kinderen kunnen oplopen. We noemen waterpokken, mazelen, rodehond, vijfde en zesde ziekte en bof (veroorzaakt door een virus) en kinkhoest, roodvonk en hersenvliesontsteking (veroorzaakt door een bacterie). Er zijn echter ook andere aandoeningen die bij kinderen veelvuldig voorkomen, zoals oorontstekingen en allergieën.

Een infectieziekte kan veroorzaakt worden door een micro-organisme, een virus, dat het lichaam binnendringt en zich daar na ongeveer zes uren van aanpassing aan de cellen in ons lichaam, gaat vermenigvuldigen. Een groot aantal infectieziekten is besmettelijk zoals verkoudheid en waterpokken. Er bestaan echter ook kinderziekten die veroorzaakt worden door een bacterie, zoals kinkhoest of roodvonk. Het grootste verschil tussen beide ziekteverwekkers is de bestrijding ervan. Tegen een virus hoef je nauwelijks iets te doen; dat lost het lijf in de regel zelf op. In ernstige gevallen is een ziekenhuisopname noodzakelijk. Om problemen te voorkomen, bestaat er voor risicogroepen zoals kinderen met astma, de mogelijkheid een griepprik te krijgen. Een bacterie kan te lijf worden gegaan met antibiotica. Virussen en bacteriële infecties tracht men daarom zoveel mogelijk te voorkomen door middel van inenten.

Wat is een virus?

Een virus is een superklein organisme (alleen onder de microscoop zichtbaar) dat zich in levende cellen kan vermenigvuldigen. Ze hebben die andere cel nodig om te kunnen leven (dat is ook direct een verschil met een bacterie). Virussen veranderen de stofwisseling van de cel waarin ze zich bevinden. Louter en alleen om op die manier aan voedsel te komen om zich te kunnen vermenigvuldigen: hun gastheercel maakt dat voedsel aan en overleeft in veel gevallen deze verandering in functie zelf niet.

Een virus doden

In tegenstelling tot bij een bacterie helpt antibiotica niet bij een virusinfectie. Er bestaat slechts een beperkt aantal virusdodende geneesmiddelen, waarmee wordt aangetoond dat de beste remedie het voorkómen van een virusinfectie is. Dat gebeurt door middel van een inenting. Een andere moeilijkheid bij het tegengaan van virusinfecties is de grote verscheidenheid aan virussen, die bovendien ook nogal eens veranderen. Tegen de tijd dat de wetenschap een antistof heeft gevonden, is er alweer sprake van een virus met een andere samenstelling, en kan de antistof de prullenbak in.

Niet alle virusinfecties vragen om een inenting

Kinderen zijn vaak verkouden. Daar is niet veel aan te doen en dat hoeft ook niet, omdat het de afweer van een kind sterkt. Een verkoudheid is een virusinfectie. Welk virus is moeilijk te zeggen, omdat er enorm veel verkoudheidvirussen bestaan. Eén tot vier dagen nadat zo’n verkoudheidvirus is ingeademd, begint de snotterneus, de keelpijn en ga zo maar door. De overmatige slijmproductie is in volle gang en wordt na veel snuiten en hoesten een natuurlijke halt toegeroepen, waarmee de symptomen weer verdwijnen. Hoe een verkoudheid zich uiteindelijk voordoet, verschilt van persoon tot persoon.

Welke kinderziekten worden veroorzaakt door een virus?

Waterpokken

De symptomen van waterpokken zijn koorts, keelpijn en jeukende blaasjes op de huid. De blaasjes zijn gevuld met vocht, die na verloop van tijd uitdrogen en korstjes vormen. De blaasjes komen niet allemaal tegelijk op, waardoor nieuwe blaasjes de oude korstjes opvolgen. Meestal zitten deze blaasjes op de buik, armen en benen. Behalve koorts zijn er verder niet veel complicaties, behalve dat de blaasjes zo kunnen jeuken dat het kind ze open krabt met het risico op infectie, en ook op een blijvend littekentje.

Waterpokken is een gemakkelijk op te lopen virus dat zich door waterdruppeltjes in de lucht verspreid. Er is niet zoveel aan te doen en omdat het een goedaardige kinderziekte is, blijft een behandeling steken bij slechts de jeuk trachten te verminderen. Dat kan door middel van calaminelotion of mentholpoeder aan te brengen. Het is ook raadzaam de nagels van het kind kort te houden zodat (hevig) krabben wordt vermeden.

Bij blijvend hoge koorts (hoger dan 39°C), langer dan vier dagen, is het raadzaam de dokter te waarschuwen. Is dat niet het geval, dan is het kind, nadat de waterpokken weer verdwijnen, voor de rest van zijn leven immuun tegen deze pokken.

Incubatietijd: 2-3 weken
Symptomen: met vocht gevulde blaasjes, steeds nieuwe erbij
Oorzaak: virus
Behandeling: calaminelotion of mentholpoeder kan de jeuk verminderen
Voorkomen: nee, bij pasgeborenen wordt er wel eens gammaglobuline ingespoten, omdat zich ernstige complicaties kunnen voordoen
Besmettingsgevaar: sterk aanwezig via luchtdruppeltjes of contact met de blaasjes, zolang deze niet uitgedroogd zijn

 

Kind met waterpokken, wat te doen?

De waterpokken zijn een bekende kinderziekte, maar weet je ook wat je het beste kunt doen? Alle feitjes over dit virus handig op een rij!

Wat zijn de waterpokken?
Waterpokken is een kinderziekte waarbij je kind over zijn/haar hele lichaam vlekjes, blaasjes en vervolgens korstjes krijgt. Bijna iedereen krijgt te maken met dit virus in de kinderjaren. De winter en begin lente zijn veelvoorkomende periodes voor de waterpokken. Het is een besmettelijk virus dat door hoesten en praten wordt overgedragen. Ook het vocht in de blaasjes maakt het overdragen van dit virus mogelijk. Het advies is om op te passen dat je kind niet in aanmerking komt met een kind dat nog besmettelijk is, maar in de praktijk is dit nogal lastig. De ziekte is 10 dagen lang overdraagbaar aan anderen, waarbij er al besmettingsgevaar is als de symptomen nog niet zichtbaar zijn.  Meestal zijn kindjes met waterpokken ook gewoon welkom bij de kinderopvang of op school.

Wat merk je bij je kind met waterpokken?
Voor de waterpokken zich aandienen, gaat er eerst een verkoudheid aan vooraf. Hierna zie je de eerste vlekjes en blaasjes verschijnen op het lichaam. Het is heel normaal dat dit ook in de mond, in het haar en op de oogleden te zien is. Het meest vervelende aan waterpokken is dat de vlekjes en blaasjes gaan jeuken. Vaak gaat dit gepaard met lichte koorts. Zorg daarom ook dat de nagels altijd kort en schoon zijn zodat de blaasjes minder snel open gekrabd kunnen worden.
Door het openkrabben wordt de jeuk erger, hierdoor kunnen dan weer infecties en littekens ontstaan.
In het begin zal je kind liever willen ‘hangen’ en niet zoveel willen doen. Je kunt je kind altijd wel laten douchen. Zoals gezegd is naar school gaan of naar de opvang in de meeste gevallen geen probleem. De instelling laten weten dat je kindje de waterpokken heeft is wel handig. Ga je op vakantie precies in de week dat de waterpokken losbarsten? Vliegen met een kind dat de waterpokken heeft kun je wel vergeten. Trek in dat geval dus direct aan de bel bij je reisbureau of maatschappij waarbij je de reis geboekt hebt.

Welke leeftijd krijgt kind de waterpokken?
Meestal krijgen kinderen tussen de 1 en 8 jaar last van waterpokken. Jonger kan ook, zo had het kindje van een collega al met 5 maanden de waterpokken. Er wordt gezegd dat hoe jonger je kindje is, hoe minder last hij ervan heeft. Dat je kindje de waterpokken nog eens kan krijgen wanneer hij onder de 1 is, is volgens de huisarts van deze collega een broodje aap verhaal…

Kind met waterpokken en zelf zwanger
Het waterpokken-virus hoeft niet altijd een gevaar te zijn voor jou en je ongeboren kindje. Het is belangrijk om na te gaan of jij deze ziekte ook hebt gehad. Als dit namelijk wel zo is heeft het geen gevolgen voor jou en de ongeboren baby. Mocht je deze ziekte niet gehad hebben en ook nooit gevaccineerd zijn, is het anders. Je hebt kans dat het waterpokken-virus heel zwaar zal uitpakken voor jou, neem in zo’n situatie daarom altijd contact op met je huisarts.

Medicatie voor waterpokken
Er zijn helaas nog geen medicijnen die direct helpen of zelfs helpen om het sneller te laten genezen. Een koelende vloeistof (lotio alba) of een koelende gel (carbomeerwatergel) kun je wel aanbrengen op de vlekjes. Je zal merken dat de jeuk sterk zal verminderen en de blaasjes sneller drogen. Beide kun je zonder recept kopen bij de apotheek. Voor pijnlijke blaasjes in de mond helpen koude dranken of een ijsje erg goed. Dit zorgt dat de pijn voorlopig zal wegtrekken. Er bestaat wel een vaccin tegen waterpokken, maar in Nederland worden kinderen hier niet zomaar tegen ingeënt.

Waterpokken over en nu?
De kans is erg klein dat je kind later nog een keer te maken krijgt met waterpokken, yeah! Het virus kan wel blijven in het lichaam. Jaren later kan dit dan zorgen voor een plaatselijke huiduitslag. Deze huiduitslag is ook wel bekend als gordelroos.

Contact met de huisarts over waterpokken
Er is geen medicatie om de waterpokken sneller te laten genezen. Hierdoor hoef je over het algemeen niet langs te gaan bij de huisarts. Zijn onderstaande punten wel van toepassing? Neem dan altijd contact op met je huisarts!
• Als je kind jonger is dan drie maanden
• Als je merkt dat je kind steeds zieker wordt
• Als jijzelf zwanger bent en vroeger geen waterpokken hebt gehad of ingeënt bent

 

Rodehond

Als lichte koorts, rode uitslag op het gezicht en opgezette lymfeklieren achter het oor zich samen voor doen, is er sprake van rodehond. Dit is een infectie die wordt veroorzaakt door het rubellavirus. Keelpijn en ontstoken ogen komen ook voor. De lichtrode uitslag kan zich verspreiden richting borst, buik, armen en benen. In de meeste gevallen verdwijnt de uitslag vanzelf en is het kind, nadat het rodehond heeft gehad, voor zijn leven lang immuun tegen deze ziekte.

Een onschuldige aandoening dus. Toch kan deze ziekte grote consequenties hebben voor zwangere vrouwen, die er daarom absoluut niet mee in aanraking mogen komen. Vooral tijdens de eerste vier maanden van de zwangerschap kan dit virus bij de nog ongeboren baby ernstige afwijkingen veroorzaken of tot de dood lijden. Wanneer een zwangere vrouw ooit rodehond heeft gehad, of daartegen is ingeënt, loopt ze geen gevaar. Bij twijfel kan een bloedproef de immuniteit aantonen en kan de vrouw alsnog een antiserum krijgen dat het rodehondvirus doodt. Blijkt na een tweede bloedcontrole dat er alsnog antistoffen zijn aangemaakt door het lichaam van de vrouw, dan is dat een teken dat er besmetting heeft plaatsgehad, wat afwijkingen veroorzaakt kan hebben bij het nog ongeboren kind.

Incubatietijd: 2-3 weken
Symptomen: lichte verkoudheidsverschijnselen, klierzwellingen vooral achter de oren
Oorzaak: virus
Behandeling: geen
Voorkomen: vaccinatie
Besmettingsgevaar: één week voor en na het uitbreken van de rode vlekken

 

Bof

De bof is niet zo besmettelijk als eerdergenoemde kinderziekten, maar het blijft een ziekte die kan worden doorgegeven door besmette waterdruppeltjes in de lucht. Wie de bof heeft, ziet er uit als een hamster. De speekselklieren kunnen gedurende een hele week zodanig opgezwollen zijn, dat de wangen eruit zien als rijkgevulde zakjes. De speekselklieren werken niet op volle toeren, en dat kan een droge mond veroorzaken. Kauwen kan pijnlijk zijn en zure drankjes prikkelen de klieren zodanig dat dat een naar gevoel kan geven. Koorts is een bijkomend verschijnsel. De koorts laten zakken met paracetamol is een mogelijkheid en vaak vinden kinderen het prettig als er op de opgezette klieren een koude doek wordt gelegd. Vloeibaar voedsel is gemakkelijker om te eten.

Incubatietijd: 2-3 weken
Symptomen: gezwollen speekselklieren achter en onder oor, hoofdpijn en buikpijn en soms lichte koorts
Oorzaak: virus
Behandeling: rust
Voorkomen: vaccinatie
Besmettingsgevaar: alleen door contact, met name in de week voor en negen dagen na de zwelling

Eind jaren zestig is het vaccin tegen de bof ‘uitgevonden’. Vanaf de jaren zeventig worden kinderen standaard tegen de bof ingeënt.

 

Mazelen

Het lijkt een flinke kou te zijn met rode ontstoken ogen, een loopneus, een zware hoest en hoge koorts. Schijn bedriegt, want in zo’n geval kan er sprake zijn van de mazelen, wat pas echt wordt opgemerkt wanneer de rode uitslag op het lichaam verschijnt (drie tot vier dagen nadat de verkoudheid zich aandiende en er zich koorts heeft voorgedaan) en zo’n vijf dagen kan aanhouden. De mazelen is echter wel eerder te herkennen, wanneer aan de binnenkant van de wangen kleine witte vlekjes worden geconstateerd die bekend staan onder de naam ‘vlekjes van Koplik’. Soms doet zich na het oplopen van de mazelen een bijkomende infectie voor, veroorzaakt door een bacterie die via de longen of de oren het lichaam binnendringt. In het laatste geval kan antibiotica haar werk doen; de antibiotica helpt niet tegen het mazelenvirus.

Incubatietijd: 10-14 dagen
Symptomen: verkouden (hoest en loopneus); koorts, witte stipjes binnenkant wang, onregelmatige vlekken van haargrens over romp naar beneden; matige koorts die na twee dagen mindering weer stijgt
Oorzaak: virus
Behandeling: rust, oppassen met kou(vatten)
Voorkomen: vaccinatie
Besmettingsgevaar: tot minstens vijf dagen na het uitbreken van de vlekjes

De mazelen is de meest besmettelijke kinderziekte. Kinderen die niet ingeënt worden en besmet raken met de mazelen, kunnen hier vervelende en blijvende effecten van ondervinden (hersen- en longontsteking).

 

Vijfde Ziekte

De Vijfde Ziekte is een virusziekte.  Komt veel voor bij kinderen van 4-10 jaar, echter ook een baby’ dreumes en peuter kunnen De Vijfde Ziekte krijgen. Parvovirus B19 is de veroorzaker van deze virusziekte. Het veroorzaak een uitslag veroorzaakt die een tijdlang kan aanhouden. De rode vlekjes lijken dan weer verdwenen, dan doemen ze ineens weer op. Een klein beetje koorts is een bijkomend symptoom, maar over het algemeen heeft het kind er nauwelijks last van.

Er is geen middel dat helpt om de klachten te verlichten of de ziekte te laten verdwijnen. De vijfde ziekte geneest vanzelf na ongeveer een week. Omdat de ziekte al besmettelijk is vóór het zich openbaart, kunnen kinderen met de vijfde ziekte meestal gewoon naar school of het kinderdagverblijf. Meestal zit er 1 tot 3 weken tussen het moment van besmetting en ziek worden.

Incubatietijd: 5-10 dagen
Symptomen: kleine en grote rode vlekjes over het lichaam, soms koorts, jeuk en rode wangetje
Oorzaak: virus
Behandeling: geen
Voorkomen: contact met een ander met deze ziekte vermijden
Besmettingsgevaar: tot de vlekjes verdwenen zijn

 

Zesde Ziekte

Deze ziekte lijkt wat betreft de symptomen op rodehond en op de vijfde ziekte, maar de rode vlekjes doen zich pas in een later stadium voor. Ze verschijnen nadat de koorts, die meestal drie dagen aanhoudt, is gezakt. Deze ziekte dankt zijn naam aan het Herpesvirus 6. Soms doet zich drie tot vijf dagen lang een hoge koorts voor, wat een enkele keer kan leiden tot koortsstuipen. Het kind lijkt soms ook verkouden en moet overgeven of heeft last van diarree.

Alleen in het ziekenhuis kan definitief worden vastgesteld of je kindje de vijfde of de zesde ziekte heeft. Maar omdat het een ongevaarlijke ziekte is die vanzelf geneest, wordt dat eigenlijk nooit gedaan. De zesde ziekte komt vaker voor bij baby’s en peuters. Tegen de Zesde Ziekte zijn geen geneesmiddelen. Wanneer je kindje koorts heeft, is het belangrijk dat hij de warmte kwijt kan en goed drinkt. Als de koorts is gezakt en je kindje voelt zich goed, mag je kindje gewoon naar het kinderdagverblijf.

Incubatietijd: 10 dagen
Symptomen: drie tot vijf dagen (plotselinge) koorts, dan kleine, niet jeukende, rode vlekken in het gezicht en op het lichaam; gezwollen klieren in de hals
Oorzaak: waarschijnlijk virus
Behandeling: geen, er is geen geneesmiddel
Voorkomen: onbekend
Besmettingsgevaar: tot het kind weer beter is

 

Pseudokroep

Pseudokroep, ook wel vaak afgekort tot kroep, is een virusinfectie aan de luchtwegen. Het is meestal een vrij onschuldige aandoening, maar een aanval kan je toch flink de stuipen op het lijf jagen. Je kindje kan namelijk flink benauwd zijn en soort gierend geluid maken tijdens het ademen, zoals een zeehondje. Het komt het meest voor bij kinderen van 0 tot 6 jaar.

Symptomen pseudokroep
• kind is verkouden
• benauwd
• gierend geluid bij inademen
• luide blafhoest
• geen of weinig verhoging

Het beste is om zelf rustig te blijven en je kindje te kalmeren. Paniek kan de benauwdheid namelijk verergeren. Laat je kindje wat drinken en ga eventueel in bad. Een bad of stoom van de douche verlicht bij sommige kindjes de hoestprikkel, maar het is geen wetenschappelijk bewezen remedie. Vertrouw je het niet omdat je kindje wel erg benauwd is of misschien wat suffig is, bel dan altijd de huisarts of huisartsenpost. Een aanval van pseudokroep kan je best even laten schrikken dus het is echt niet overdreven om daarvoor de dokter te bellen!

Wat is een bacterie?

Een infectieziekte kan worden veroorzaakt door een virus en door een bacterie. Een bacterie kan zich door deling snel vermenigvuldigen en een infectie veroorzaken.

Bacteriën verschillen in vorm, grootte en ligging. Mede op grond van deze verschillen worden de bacteriën ingedeeld in soorten die verantwoordelijk zijn voor bijvoorbeeld kinkhoest. Een infectieziekte veroorzaakt door een bacterie kan worden bestreden met een antibiotica.

Welke kinderziekten worden veroorzaakt door een bacterie?

Roodvonk

Roodvonk is een combinatie van koorts en rode uitslag op het lijf. Het komt het meest voor bij kinderen tussen de 3 en 8 jaar. Roodvonk is besmettelijk.

Iedereen heeft er wel eens van gehoord: streptokokken. De streptokok, de veroorzaker van roodvonk, is een bacterie, hetgeen betekent dat antibiotica hier zijn werk kan doen. Deze keelinfectie gaat gepaard met een rode uitslag. Roodvonk komt nog maar zelden voor en als ze zich voordoet, is ze goed te behandelen.

Het belangrijkste is om je kind goed te laten drinken en rusten. Eventueel kun je een paracetamol geven om de (keel)pijn te verlichten.

Incubatietijd: 2-7 dagen
Symptomen: hoge koorts, keelpijn, hoofdpijn, pijnlijke klieren in de nek, vlekjes op wangen en romp, soms witte plekken rond neus en mond, en ‘frambozentong’ (de tong wordt eerst wit en daarna rood, dik en bobbelig); na ongeveer twee weken vervellen de handpalmen en voetzolen
Oorzaak: bacterie
Behandeling: antibiotica
Voorkomen: contact met anderen vermijden
Besmettingsgevaar: 4-6 weken verdacht: nadat behandeling met antibiotica is ingezet, is er nog 24 tot 48 uur besmettingsgevaar; andere gezinsleden met beginnende verschijnselen ook thuishouden

 

Kinkhoest

Bij jonge baby’s is deze hoest een ernstige aandoening. Kinkhoest wordt eveneens veroorzaakt door een bacterie. Het gaat om een droge, kuchende hoest. Als deze hoest tien dagen aanhoudt, kunnen zich echte hoestaanvallen ontwikkelen waarbij wit taai slijm wordt opgehoest. Na het hoesten heeft het kind soms een gierende ademhaling. Soms is het kind misselijk na een hoestaanval. Het hoesten is flink vermoeiend en vaak is het kind te moe en te zwak om te eten, wat weer gewichtsverlies kan veroorzaken. De ernstige hoest verdwijnt na een tijd, maar het hoesten kan op zich heel lang aanhouden. Soms wel enkele maanden. Antibiotica kan hier helpen en de besmettelijkheid wegnemen, maar zodra de gierende hoest begint, is het eigenlijk al te laat. Dan heeft de bacterie de longen al bereikt. Soms wordt een kind met kinkhoest in het ziekenhuis opgenomen. Overgeven, de aanval op de longen (gevaar voor longontsteking) en de kwetsbaarheid van de oren (oorontsteking) zijn de meest nare complicaties.

Incubatietijd: 1-3 weken
Symptomen: verkouden en beginnende hoest uitmondend in ernstige hoestaanvallen met slijm opgeven; gierende ademhaling
Oorzaak: bacterie
Behandeling: antibiotica
Voorkomen: vaccinatie
Besmettingsgevaar: tijdens hoestbui, tot ongeveer 21 dagen na begin van de hoestaanvallen; nadat behandeling met antibiotica is ingezet, is er nog 24 tot 48 uur besmettingsgevaar

 

Kinkhoest: hoe jonger het kind, hoe ernstiger de complicaties
Hersenvliesontsteking: Deze ontsteking kan door zowel een virus als een bacterie worden veroorzaakt. Bij baby’s bestaan de symptomen uit slechter drinken, snel geïrriteerd zijn, veel huilen en soms overgeven. Er is vrijwel nooit sprake van koorts, eerder van een te lage lichaamstemperatuur. Peuters laten meestal beter merken dat er iets aan de hand is. Ze huilen enorm, hebben overal pijn, een stijve nek en soms doen zich stuiptrekkingen voor. Het kind kan bovendien alleen rechtop zitten met steun van beide armen achter de rug. Oudere kinderen krijgen bij hersenvliesontsteking last van sufheid, hebben acuut hoge koorts, een stijve nek en hoofdpijn. Om het hoofd te buigen, trekken ze de knieën op en liggend kunnen ze de benen niet verder dan 45 graden omhoog krijgen. Direct de huisarts waarschuwen is bij deze symptomen belangrijk.

 

Krentenbaard

Krentenbaard is een ontzettend besmettelijke ontsteking, veroorzaakt door een bacterie. Het komt vaak voor bij jonge kinderen. De ontsteking begint vaak op een plek waar al een wondje zit.

Symptomen krentenbaard:
• rode vlekken en bultjes rond mond en neus
• de bultjes worden blaasjes met vocht
• gele korstjes
• de blaasjes en korstjes kunnen snel groter worden
• jeuk en de plekjes kunnen pijnlijk zijn

Het vocht dat in de blaasjes zit is erg besmettelijk. Wanneer je dit op je handen krijgt kun je heel makkelijk andere plekken besmetten. Het is dus erg belangrijk dat je kindje er zoveel mogelijk vanaf blijft, wat ontzettend lastig kan zijn. Een goede hygiëne is deze periode daarom extra belangrijk. Vaak handen wassen en de plekjes zoveel mogelijk bedekken met kleding is het beste. De huisarts kan daarnaast een zalf of tabletten voorschrijven waarmee krentenbaard goed te behandelen is.

Incubatietijd

De incubatietijd is de tijd die het duurt vanaf de besmetting totdat de verschijnselen zich voordoen en de ziekte herkend wordt.

Zijn kinderziekten besmettelijk?

Besmettelijk, wat is dat?

Besmettelijk betekent dat een micro-organisme gemakkelijk naar een ander kan worden doorgegeven. Zo ook bij virusinfecties. Veel virussen verspreiden zich door druppeltjes in de lucht en het laat zich raden dat dat in een schoolklas, binnen een gezin of tijdens een verjaardag gemakkelijk kan gebeuren.

Moet je dan een kind apart houden?

Voorheen werd dat wel gedacht, maar in de meeste gevallen heeft een besmetting al plaatsgevonden voordat de symptomen van de ziekte zich aandienen. Natuurlijk menen peuterleidsters en leraren op scholen wel dat het handiger is het kind thuis te houden om verdere besmetting te voorkomen, maar menig huisarts is van mening dat als er eenmaal waterpokken zijn geconstateerd, iedereen het maar beter zo snel mogelijk achter de rug kan hebben. Dan maar allemaal tegelijk de waterpokken. Dit geldt evenwel niet voor bijvoorbeeld bacteriële infecties, zoals kinkhoest.

Inentingen tegen kinderziekten

Een inenting, vaccinatie ofwel een ‘prik’, brengt een stof in het lichaam die voor immuniteit tegen een infectieziekte zorgt. Het lichaam wordt dan als het ware voor de gek gehouden alsof het wordt besmet met de ziekteveroorzaker. Die veroorzaker is dan echter dood of zodanig zwak dat het lichaam er niet ziek van wordt, maar wel antistoffen aanmaakt. Een viruscel krijgt hierdoor geen kans meer een levende cel in het lichaam te belagen en iemand ziek te maken. Het geeft meestal volledige bescherming tegen een ziekte, hoewel soms meerdere vaccinaties nodig zijn. In ons land worden met name kinderen ingeënt tegen ziekten. Andere inentingen zijn die tegen ziekten die men in de tropen kan oplopen.

Kan een kind altijd ingeënt worden?
Ja, een kind kan bijna altijd worden ingeënt. Het is aan te raden met de consultatiebureau-arts/verpleegkundige te overleggen als het kind erg verkouden is of koorts heeft. Bij 38,5°C koorts wordt een kind nooit ingeënt. Contra-indicaties zijn er hooguit tijdelijk of niet. Dit is een nieuwe ontwikkeling. Zo kan dus een kind met bijvoorbeeld epilepsie, mits goed ingesteld op medicijnen door kinderarts en neuroloog, worden ingeënt in overleg met de behandelaar.

Zijn er bijwerkingen?
Er zijn nauwelijks bijwerkingen te noemen. Toch zal iedere moeder zich nog kunnen herinneren dat babyzoon of -dochter een paar uur na de prik wat hangerig en huilerig was. Soms kan er een paar dagen na de prik koorts optreden en is de plek waar de prik werd gegeven, wat stijf en rood. Na een paar dagen is je kind weer de oude.

Op welke leeftijd moet je kind worden ingeënt tegen kinderziekten?
Er bestaan verschillende vaccinaties voor kinderen, die bekend staan onder de afkortingen DKTP, BMR, DTP en Hib. De eerste staat voor Difterie, Kinkhoest, Tetanus, Poliomyelitis en de tweede voor Bof, Mazelen en Rodehond. DTP staat nogmaals voor Difterie, Tetanus en Poliomyelitis. Heaemophilus Influenza type b is de Hib-prik, een vaccin tegen een zekere vorm van hersenvliesontsteking.

Op dit moment krijgen kinderen als ze twee maanden zijn, DKTP-1 en Hib-1. Met drie maanden krijgen ze DKTP-2 en Hib-2. Zijn ze vier maanden, dan krijgen ze de derde cocktail en met elf maanden de vierde. Een BMR-prik wordt met veertien maanden toegediend. DTP op hun vierde en negende levensjaar. Als ze negen zijn ontvangen ze nog eens de BMR-2 prik. Lees meer over de DKTP vaccinatie in het dossier over vaccinaties op Gezondheidsplein.

DKTP-1 en Hib-1: 2 maanden
DKTP-2 en Hib-2: 3 maanden
DKTP-3 en Hib-3: 4 maanden
DKTP-4 en Hib-4: 11 maanden
BMR 1: 14 maanden
DTP 1: 4 jaar
DTP 2 en BMR-2: 9 jaar

 

Betekent inenten dat de ziekten niet meer voorkomen?
Nee, dat is niet zo. Er zijn namelijk altijd kinderen die niet ingeënt zijn. In de meeste gevallen uit religieuze overwegingen. Soms zijn mensen tegenstander van de prikken uit angst voor complicaties. Een voorbeeld van een epidemie stamt niet eens uit de vorige eeuw, maar van slechts drie jaar geleden. In het voorjaar van 1999 heeft een mazelenepidemie, waarbij ruim 1750 kinderen werden besmet, aan minstens drie kinderen het leven gekost. Veertig kinderen moesten in het ziekenhuis worden opgenomen. Later bleek dat 99 procent van deze besmette kinderen nooit was ingeënt tegen de mazelen. En dat terwijl de gevolgen ernstig kunnen zijn: 1 op de 1000 kinderen kan aan de mazelen overlijden. Twintig procent van de 1750 besmette kinderen had complicaties in de vorm van longontstekingen, oorontstekingen of een hersenontsteking.
(Cijfers afkomstig uit een ANP-nieuwsbericht waarin cijfers zijn opgenomen van de Landelijke Coördinatiestructuur Infectieziektenbestrijding)

96 procent van alle baby’s krijgt de BMR-prik, de cocktail tegen de bof, mazelen en rode hond.

In de tropen
Gele koorts, cholera en malaria worden veroorzaakt door virussen die in de tropen voorkomen. Om deze ziekten te voorkomen, worden mensen die naar de tropen gaan, daarvoor ingeënt.

Informatie over vaccinatie van het Ministerie VWS
Zijn vaccinaties gevaarlijk? Kunnen ongevaccineerde kinderen op andere manieren toch worden beschermd? De antwoorden op deze en andere veelgestelde vragen over vaccinaties voor kinderen en jongeren zijn op internet te vinden. De website van het ministerie van VWS biedt bovendien de mogelijkheid door te klikken naar diverse internationale websites met achtergrondinformatie over vaccinaties en vaccinatiebeleid.

Rijksvaccinatieprogramma
In Nederland worden alle kinderen gratis ingeënt volgens een vaccinatieschema: het Rijksvaccinatieprogramma. Dit programma bestaat sinds 1957. De vaccinaties worden gefinancierd door de overheid. Het Rijksvaccinatieprogramma is bedacht om de ziekte en sterfte van kinderen door infectieziektes te verminderen en te voorkomen.

Welke ziektes zijn opgenomen in het vaccinatieschema?
Het programma bestaat uit zeven verschillende vaccinaties en beschermt tegen twaalf verschillende infectieziektes. Hieronder een overzicht.

DKTP-vaccinatie; deze vaccinatie beschermt tegen:

  • Difterie
  • Kinkhoest
  • Tetanus
  • Polio


HiB-vaccinatie; d
eze vaccinatie beschermt tegen:

  • Haemophilus influenza type B


BMR-vaccinatie; d
eze vaccinatie beschermt tegen:

  • Bof
  • Mazelen
  • Rodehond


Hep B-vaccinatie; d
eze vaccinatie beschermt tegen:

  • Hepatitis B


Men C-vaccinatie; d
eze vaccinatie beschermt tegen:

  • Meningokokken C-infectie


Pneu – vaccinatie; d
eze vaccinatie beschermt tegen:

  • Pneumokokkeninfectie (tien verschillende varianten)

HPV-vaccinatie; deze vaccinatie beschermt tegen:

  • Humaan papillomavirus

 

Vanaf welke leeftijd volg je het Rijksvaccinatieprogramma?
Een kind krijgt de eerste vaccinatie als hij of zij twee maanden oud is. Het is belangrijk om dan al te vaccineren, omdat onder andere kinkhoest juist bij jonge baby’s veel schade veroorzaakt. Vaccinaties zijn uitgebreid getest bij jonge kinderen, lees voor meer informatie de pagina Wel of niet vaccineren?

Is het verplicht om deel te nemen aan het Rijksvaccinatieprogramma?
Nee, het is niet verplicht om deel te nemen aan het Rijksvaccinatieprogramma. Het deelnemen aan het volledige vaccinatieprogramma wordt wel ten zeerste aangeraden om volledige bescherming tegen de ziektes te verkrijgen. In sommige gevallen zijn er medische redenen waardoor een vaccinatie uitgesteld moet worden. Hieronder vallen:

  • Hoge koorts
  • Allergische reactie op vorige vaccinaties
  • Bloedtransfusie
  • Bestraling
  • Beenmergtransplantatie
  • Toedienen van immunoglobuline
  • Ernstige ziektes zoals leukemie

Een arts kan het beste beoordelen wanneer een vaccinatie uitgesteld moet worden. Bij veel ziektes zoals astma, eczeem, taaislijmziekte, diabetes of hartziekten is het juist belangrijk dat de inentingen op tijd gegeven worden omdat kinderen met deze ziektes een slechter afweersysteem hebben.

DTP-prik/ DKTP-vaccinatie
Kinderen krijgen in totaal vijfmaal de DKTP-vaccinatie. De eerste vier prikken krijgen ze al in hun eerste levensjaar. Aan de DKTP-vaccinaties is het kinkhoestvaccin toegevoegd, omdat deze jonge groep kinderen het meest kwetsbaar is voor kinkhoest. De bescherming van deze prikken is voldoende voor de eerste paar jaar. Na een aantal jaar is de afweer iets afgenomen en is een herhalingsprik nodig. Kinderen krijgen daarom op vierjarige leeftijd nogmaals de DKTP-vaccinatie aangeboden en op de leeftijd van negen jaar de DTP-prik. De DTP-prik wordt daarnaast ook vaak als reisvaccinatie gegeven.

Wanneer wordt de DKTP-vaccinatie gegeven?
In plaats van alleen de DKTP-vaccinatie worden de vaccins tegen meerdere infectieziekten in één keer gegeven. Deze prik heet de: DKTP-HiB-HepB-vaccinatie. Deze vaccins kunnen veilig gecombineerd worden, ook hoeft het kind zo maar een keer geprikt te worden.

Tegen welke ziektes werken de vaccins?
De DKTP-vaccinatie zorgt voor antistoffen tegen:

  • Difterie
  • Kinkhoest
  • Tetanus
  • Polio (kinderverlamming)

De DTP-prik beschermt tegen dezelfde ziekten, alleen niet tegen kinkhoest.

Bijwerkingen DTP-prik/DKTP-vaccinatie
De DKTP- of DTP-vaccinatie veroorzaakt over het algemeen milde bijwerkingen zoals:

  • Zwelling van de prikplek
  • Misselijkheid
  • Koorts
  • Lusteloosheid
  • Zwelling van de geprikte arm

Deze bijwerkingen nemen vanzelf af binnen enkele uren tot dagen.

Waar kun je de DTP-prik/DKTP-vaccinatie halen?
Kinderen krijgen de prik via het Rijksvaccinatieprogramma op het consultatiebureau. Bij de prik voor negenjarigen gaat dit meestal via het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG). Als je als volwassene ingeënt wilt worden met het DTP-vaccin kan dit via de GGD of de huisarts. Voor reisvaccinaties bestaan er ook speciale centra waar je de DTP-prik kunt laten zetten. Voor meer informatie over de DTP-prik als reisvaccinatie kun je terecht op de pagina Reisvaccinaties.

Wat zijn reisvaccinaties?
Wanneer je voor vakantie of werk naar het buitenland gaat wordt, afhankelijk van het land en de regio, vaak aangeraden je te laten vaccineren. In het buitenland komen er meer of andere infectieziektes voor dan in Nederland. Vaccinaties kunnen je beschermen tegen deze ziektes.

Wat zijn de kosten van reisvaccinaties?
Reisvaccinaties vallen niet binnen het Rijksvaccinatieprogramma. Daarom betaal je de vaccinaties in principe zelf. De prijzen van het vaccineren variëren per instantie. Bij sommige aanvullende verzekeringen krijg je (een deel van) de vaccinaties vergoed.

Wat zijn veelvoorkomende reisvaccinaties?

DTP-vaccinatie
Deze vaccinatie wordt voor reizen naar bijna alle landen aanbevolen, behalve voor landen in Noord-Amerika, Australië, Nieuw-Zeeland en West-Europa. De meeste Nederlanders zijn tot tien jaar na de laatste vaccinatie beschermd omdat ze de DKTP-vaccinatie hebben gekregen als kind. Daarna is een ‘booster’ vaccinatie nodig voor volledige bescherming.

Hepatitis A-vaccinatie
De hepatitis A-vaccinatie wordt aanbevolen voor dezelfde landen als de DTP-vaccinatie. Hepatitis A een ziekte veroorzaakt door een virus. Van dit virus kun je een leverontsteking krijgen. Hepatitis A hoeft geen klachten te geven, vooral kinderen hebben bijna nooit symptomen van de ziekte. Met goede hygiëne kun je de kans op besmetting zo klein mogelijk maken. Wanneer je klachten krijgt kun je de symptomen vergelijken met de ziekte van Pfeiffer, je bent dan vaak maanden uit de running. Vooral voor reizen naar warme landen wordt vaccinatie tegen hepatitis A ten zeerste aangeraden. Als je de vaccinatie na een jaar nogmaals neemt ben je voor dertig tot veertig jaar beschermd tegen Hepatitis A.

Hepatitis B-vaccinatie
De prik tegen hepatitis B wordt voor dezelfde landen aangeraden als de hepatitis A-vaccinatie in een van de volgende gevallen:

  • Je gaat langer dan drie maanden op reis.
  • Je verwacht seksuele contacten te hebben.
  • Je hebt een verhoogde kans op bloedcontact door het beroep dat je uitvoert (bijvoorbeeld bij artsen).

Sinds 2011 is het Hepatitis B-vaccin opgenomen in het Rijksvaccinatieprogramma. De volledige vaccinatie geeft levenslange bescherming.

Buiktyfusvaccinatie
Vaccinatie tegen buiktyfus wordt aangeraden voor reizen naar Azië en Midden- of Zuid-Amerika. De vaccinatie tegen buiktyfus kun je als een prik krijgen maar ook als capsules. Overleg met je arts welke vorm van vaccinatie het beste werkt voor jou. De beschermingsduur van de buiktyfusvaccinatie is drie jaar.

Rabiësvaccinatie
Rabiës komt overal ter wereld voor, met uitzondering van West-Europa, Australië en Noord-Amerika. Je kunt rabiës krijgen door een dierenbeet. Wat je in dat geval moet doen lees je op de pagina Overige vaccinaties.

Vaccinatie tegen gele koorts
In verschillende Afrikaanse landen zoals Congo, Ivoorkust en Rwanda is het verplicht om je ten minste tien dagen voor aankomst in het land te laten vaccineren tegen gele koorts. In de overige Afrikaanse landen is een vaccinatie tegen gele koorts verplicht als je via een land reist waar gele koorts voorkomt. Dit geldt ook voor verschillende landen in Zuid-Amerika zoals Bolivia, Ecuador en Suriname. Het ziektebeeld varieert van milde griepachtige verschijnselen tot ernstige fatale symptomen zoals bloedingen. Daarom is vaccineren belangrijk als je naar een land gaat waar gele koorts voorkomt.

Zijn reisvaccinaties verplicht?
Het nemen van reisvaccinaties is niet verplicht. De gele koorts vaccinatie is hier soms een uitzondering op.

Overige vaccinaties
In dit dossier lees je over allerlei vaccinaties, bijvoorbeeld die uit het Rijksvaccinatieprogramma en reizigersvaccinaties. Naast deze vaccinaties bestaan er nog veel meer prikken. Weet jij wat je moet doen als je gebeten wordt door een dier in het buitenland? Of wat er kan gebeuren als je jezelf verwondt en geen prik krijgt? Op deze pagina lees je over verschillende situaties waarin vaccineren nodig is.

Vaccinatie na een dierenbeet
Wanneer je gebeten wordt door een dier (in het buitenland) kun je rabiës krijgen. Bij Nederlandse dieren komt geen rabiës voor. Rabiës wordt ook wel hondsdolheid genoemd. Er bestaat geen behandeling tegen deze ziekte, als je de ziekte oploopt zal je eraan overlijden. Daarom is het belangrijk dat je zodra je gebeten wordt binnen 24 uur een – zeldzaam –  antiserum krijgt. Daarna krijg je in een tijdsbestek van vier maanden nog vijf inentingen. Wanneer je preventief drie rabiësvaccinaties hebt gehad, dan is het antiserum niet nodig en heb je in plaats van vijf inentingen na een beet nog twee inentingen nodig. Deze bescherming is twee tot drie jaar werkzaam. Naast deze tijdelijke bescherming hoef je na een volledige rabiësvaccinatie levenslang geen antiserum meer te halen na een beet.

Tetanusvaccinatie bij een open wond
Wanneer je op straat een verwonding hebt opgelopen kun je tetanus krijgen. Tetanus is een ernstige ziekte. Het veroorzaakt spierkrampen die vaak levensbedreigend zijn. Je raakt besmet met tetanus door bacteriën die via een wond in je lichaam komen. Vanwege de ernst van tetanus is de vaccinatie al sinds 1957 onderdeel van het Rijksvaccinatieprogramma. De tetanusvaccinatie werkt ongeveer tien jaar. Als je niet meer weet wanneer je ingeënt bent is het belangrijk om na een (kleine) verwonding of dierenbeet een tetanusinjectie te halen bij de huisarts of de EHBO. Voor meer informatie over de tetanusvaccinatie kun je kijken op Ziekenhuis.nl.

Inentingen bij risicovolle beroepen
Hepatitis B veroorzaakt een acute of chronische leverontsteking die kan leiden tot leverfalen of leverkanker. Eerder kregen alleen kinderen uit risicogroepen de vaccinatie, zoals kinderen met downsyndroom of kinderen van met hepatitis B besmette moeders. Sinds 2011 krijgen alle kinderen de vaccinatie tegen hepatitis B aangeboden via het Rijksvaccinatieprogramma. Wanneer je in de zorg werkzaam bent wordt de vaccinatie aangeraden, omdat je een grotere kans hebt om hepatitis B op te lopen.

Vaccinatie na medische ingrepen
Wanneer je een nieuwe hartklep hebt is het erg gevaarlijk om buiktyfus op te lopen. Het is dan erg belangrijk om deze vaccinatie te halen voor je op reis gaat. Buiktyfus is een ziekte die veroorzaakt wordt door de salmonellabacterie. Deze bacterie bevindt zich op besmet eten of drinken. Je krijgt last van buikklachten zoals diarree of verstopping en koorts.

Vaccineren bij chronisch zieken
Voor mensen met een chronische ziekte zoals: astma, diabetes of de ziekte van Crohn wordt de griepprik aangeraden. Door deze chronische ziektes is je weerstand lager. De griep kan dan voor veel complicaties zorgen. Op de pagina griepprik kun je meer lezen over deze vaccinatie.

Wel of niet vaccineren?
Je krijgt veel verschillende informatie te horen over vaccinaties, kies je voor wel of niet vaccineren? Op deze pagina beantwoorden we verschillende vragen die je bij deze vraag kunnen helpen. In Nederland is vaccineren niet verplicht. Voor kinderen onder de 18 jaar beslissen ouders zelf of ze wel of niet willen inenten. De meeste ouders kiezen ervoor om wel in te enten. Ongeveer 95 procent van de kinderen is ingeënt tegen alle kinderziektes. Hierdoor is de kans op het uitbreken van infectieziektes klein.

Zitten er schadelijke stoffen in vaccins?
Veel mensen vragen zich af of er schadelijke stoffen in vaccins zitten. Uit grondig onderzoek van het RIVM blijkt dat vaccineren veilig is, er worden geen onveilige stoffen in vaccinaties gebruikt.

Vaccins bestaan uit drie verschillende groepen ingrediënten: werkzame stoffen, hulpstoffen en reststoffen.

Werkzame stoffen
De werkzame stoffen zijn de verzwakte of dode ziekteverwekkers, die het lichaam aanzetten tot het maken van antistoffen.

Hulpstoffen
Hulpstoffen in vaccins worden ook wel adjuvantia genoemd. Hulpstoffen zorgen ervoor dat het lichaam beter reageert op de werkzame stof in de vaccinatie. Voorbeelden van hulpstoffen zijn:

  • Vulmiddelen: water, suikeroplossing of fysiologische zoutoplossing.
  • Conserveermiddelen: deze stoffen voorkomen de groei van bacteriën of schimmels. Tegenwoordig wordt er steeds minder gebruik gemaakt van deze stoffen omdat vaccins vaker voor enkele dosering geproduceerd worden. Hierdoor is de kans op besmetting kleiner. Voorbeelden van conserveermiddelen zijn thiomersal en formaldehyde. Thiomersal wordt niet (meer) gebruikt in de vaccins binnen het Rijksvaccinatieprogramma.
  • Aluminiumverbindingen verhogen de werking van het vaccin. Ze worden niet gebruikt in ‘levende’ vaccins, zoals de BMR-vaccinatie. Veel mensen maken zich zorgen om de aluminiumverbindingen in vaccinaties. Het gebruik hiervan zou schadelijk zijn voor de gezondheid. Aluminiumzouten komen echter ook voor in voedsel en water, in grotere hoeveelheden. Zo zit in flesvoeding ongeveer dertig milligram per voeding, terwijl je via vaccins ongeveer vier milligram binnenkrijgt gedurende de eerste zes levensmaanden. De hoeveelheid aluminium die gebruikt wordt in vaccins is zo klein dat er geen aanwijzingen zijn voor gezondheidsschade.

 

Reststoffen
Reststoffen zijn toegevoegd om de groei van bacteriën te voorkomen tijdens het productieproces van de vaccinaties. Reststoffen komen in zeer lage dosering voor in vaccins.

Voorbeelden van reststoffen zijn:

  • Kippenei-eiwitten: kippenei-eiwit wordt gebruikt in het griepvaccin en het gele koortsvaccin. Kippenei-allergie komt heel zelden voor. Een allergie kun je het beste bespreken met de huisarts. De BMR-vaccinatie kan zonder gevaar gegeven worden. Kippenei-eiwit wordt gebruikt bij de productie van dit vaccin en daarna verwijderd. Het product laat niet genoeg sporen achter om een allergische reactie te kunnen veroorzaken.
  • Verocellen: dit zijn cellen van zoogdieren die kunnen worden gebruikt als vervanger van kippenei-eiwit.
  • Formaldehyde: dit is een stof die van nature voorkomt in het menselijk lichaam en in groente en fruit, zoals in peren. De hoeveelheid formaldehyde in vaccins is vele malen kleiner dan de hoeveelheid die van nature in je lichaam voorkomt. Uit onderzoek blijkt dat formaldehyde uit vaccins ongevaarlijk is en geen ziektes veroorzaakt.

Van alle vaccins kan je de bijsluiter en ingrediëntenlijst opvragen bij je arts of het RIVM.

Wat zijn de bijwerkingen van vaccinaties?
Bijwerkingen zijn normaal, veel kinderen zijn na een vaccinatie wat minder fit. Bij vaccins met dode ziekteverwekkers zijn de bijwerkingen in bijna alle gevallen binnen 48 uur weer verdwenen. Bij het BMR-vaccin worden geen dode, maar verzwakte ziekteverwekkers ingespoten. Je lichaam reageert hier anders op. Hierdoor ontstaan bijwerkingen van deze vaccins meestal pas na vijf tot twaalf dagen.

De meest voorkomende bijwerkingen na vaccineren zijn:

  • Koorts
  • Lokale reactie van de huid op de injectieplaats
  • Huilen
  • Zwelling van de gevaccineerde arm
  • Hoofdpijn

Neem bij ernstige bijwerkingen contact op met je huisarts. Bijwerkingen kun je melden bij je huisarts, de GGD of het consultatiebureau. Zij zijn dan verplicht een melding te maken bij het Nederlands bijwerkingencentrum: Lareb. Je kunt ook zelf bijwerkingen melden via www.lareb.nl

Welk risico loop ik als ik mijn kind niet vaccineer?
Naast het risico dat je kind ziek wordt door niet te vaccineren lopen ook andere mensen risico. Dit heeft te maken met de dekkingsgraad. Hoe meer kinderen geen vaccinatie krijgen, hoe groter de kans dat er een epidemie uitbreekt. Een uitbraak van een infectieziekte is zeer gevaarlijk voor jonge baby’s die nog niet ingeënt zijn, mensen met een zeer lage weerstand, zwangere vrouwen en ouderen. Door te vaccineren bescherm je dus niet alleen jezelf, maar ook een andere mensen.

Wat is een vaccinatie?
Een vaccinatie wordt ook wel een prik of een inenting genoemd. Een vaccinatie bestaat uit verzwakte of dode organismen. Deze worden met behulp van een injectie in je lichaam gebracht. Vaccineren zorgt ervoor dat je niet – of veel minder – ziek wordt zodra je lichaam in aanraking komt met een infectieziekte waartegen je bent ingeënt.

Hoe werkt een vaccin?
Bij een vaccinatie worden er stukjes van ziekmakende bacteriën of virussen ingespoten. De stukjes zijn onschadelijk gemaakt en maken je dus niet meer ziek. Zodra je lichaam in aanraking komt met deze stoffen treedt het immuunsysteem in werking. Hierdoor worden er afweerstoffen tegen de ziekten aangemaakt. Deze afweerstoffen zorgen ervoor dat je lichaam sneller reageert zodra je opnieuw in contact komt met de ziekteverwekkers. Hierdoor verklein je dus de kans dat je ziek wordt.

Hoelang werkt een vaccinatie?
In de meeste gevallen ben je lange tijd beschermd na een volledige vaccinatie. Soms moet je na die periode nog een herhalingsvaccinatie (booster) halen, bijvoorbeeld als je naar een land gaat waar je meer risico op infectieziektes loopt. De meeste vaccinaties bieden bescherming gedurende vijftien tot twintig jaar. Er zijn daarop een aantal uitzonderingen. Kinkhoest beschermt gedurende vijf tot tien jaar, de HPV-vaccinatie beschermt meer dan vijf jaar en de buiktyfusvaccinatie beschermt gedurende drie jaar. Bij rabiës bestaat er een apart vaccinatiebeleid afhankelijk van een eventueel risicovol incident. Meer hierover lees je op de pagina Overige vaccinaties.

Waarom is vaccineren nodig?
Door vaccineren ontstaat groepsimmuniteit. Dit houdt in dat grote groepen mensen beschermd zijn tegen bepaalde infectieziektes, doordat een groot deel van de mensen is gevaccineerd. Omdat de vaccinatiegraad in Nederland hoog is, is er een kleinere kans dat een bepaalde infectieziekte voor komt. Het aantal gevaccineerde kinderen wordt ook wel de dekkingsgraad genoemd. Als de dekkingsgraad van een ziekte onder de 95 procent komt is er een grotere kans dat een infectieziekte uitbreekt.

Een voorbeeld van het belang van inenten komt uit 2013, toen brak in de bijbelgordel in Nederland de mazelen uit. In deze veelal christelijke gemeentes is vaccineren niet vanzelfsprekend. Daardoor blijft de dekkingsgraad te laag om infectieziektes helemaal tegen te gaan. Meer over de discussie van voor- en tegenstanders van vaccineren lees je op de pagina Wel of niet vaccineren.

Bron: www.gezondheidsplein.nl

Hoe zit het met koorts bij kinderen?

De meeste kinderziekten gaan met koorts gepaard. Vaak zakt de koorts vanzelf en verdwijnt deze na een paar dagen. Blijft deze echter te hoog, dan is paracetamol de enige remedie om koorts te laten zakken. De normale lichaamstemperatuur bij een kind ligt tussen de 36° en 37,5°C. Koorts kan aangeven dat iemand ziek is, maar is geen graadmeter voor de ernst van de ziekte!

Hoe neem je de temperatuur op?
Onder de tong, onder de oksel en in de darmopening zijn plaatsen om de koorts op te nemen. Het meten van de juiste temperatuur onder de oksel vraagt minstens tien minuten. Er moet dan nog 0,5°C bij de uitslag worden opgeteld. Onder de tong vijf minuten, en tel er dan nog eens 0,3°C bij op. Het opnemen van de temperatuur via de darmopening (drie minuten) is misschien nog wel de beste en meest betrouwbare manier, maar niet ieder kind is daar van gediend. Zeker niet als ze wat ouder worden. Tegenwoordig zijn er heel handige thermometers te koop die via het oor een betrouwbare uitslag geven. Dat zal een kind een veel prettiger manier vinden.

Koortsstuipen
Kinderen met extreem hoge koorts kunnen koortsstuipen oplopen. Meestal zijn ze zonder verder gevaar, maar het ziet er wel angstaanjagend uit. Het kind schokt en draait met het lichaam. Dit wordt veroorzaakt door hevige spiertrekkingen en dat kan soms enkele minuten aanhouden. Je kindje kan zelfs even stoppen met ademen. Je zult dan ook zeker niet de eerste zijn die 1-1-2 belt wanneer dit gebeurt. Een koortsstuip is meestal het begin van koorts. Een kind dat al hoge koorts heeft, krijgt zelden een koortsstuip.  Over het algemeen brengt een stuip geen blijvende schade toe en valt het kind erna in slaap. Het is belangrijk bij het kind te blijven en er voor te zorgen dat het zich geen pijn kan doen. De luchtweg moet vrij blijven. Roep in ieder geval na de aanval een arts erbij.

Te hoge koorts voorkomen is natuurlijk de beste remedie. Zorg er dan ook voor dat het kind niet te veel kleding aan heeft of onder te dikke dekens of een dekbed ligt. Open desnoods het slaapkamerraam. Paracetamol wil de koorts ook wel doen zakken. Geef het kind wel voldoende te drinken zodat het door het overmatig zweten niet uitdroogt.

Na een koortsstuip is een kindje vaak nog erg suf. Het komt helaas vaak voor bij jonge kindjes, vaak al vanaf 6 maanden tot 6 jaar.

Hoe zit het met kinderen en allergieën?

Een kind dat ineens veel moet niezen, rode ogen en een snotterneus heeft, kan overgevoelig zijn voor een bepaalde stof. Deze overgevoeligheid uit zich in eerdergenoemde verschijnselen. Ook uitslag in knieholten of elleboogholten, of op andere plaatsen op het lichaam is zo’n verschijnsel. De stoffen die zo’n reactie veroorzaken heten allergenen.

Hooikoorts (Allergische rinitis)

Hooikoorts is een allergische reactie die een ontsteking van de neus en ogen veroorzaakt. Het doet zich voor in het voorjaar en de zomer als grassen en stuifmeel welig tieren. Niezen, jeukende ogen, een verstopte neus en als gevolg daarvan hoofdpijn en vermoeidheid zijn de meest voorkomende verschijnselen. Tegenwoordig is bij een drogist en via een huisarts een aantal reguliere en homeopathische middelen verkrijgbaar die de hooikoorts in toom houden.

Wat is hooikoorts?

Hooikoorts is één van de meest voorkomende allergieën. Hooikoorts is een overgevoeligheid of allergische reactie van je lichaam op pollen. Deze pollen zijn het stuifmeel van grassen, bloemen, planten en bomen die in bloei staan. De pollen zweven door de lucht en adem je in. Als het afweermechanisme van je lichaam in de war is, dan kan het reageren op deze pollen. In je lichaam ontstaat vervolgens een allergische reactie. Hierbij komt de stof histamine vrij. Histamine zorgt voor de kenmerkende klachten bij hooikoorts.

Oorzaak van hooikoorts
De oorzaak van hooikoorts is dus een allergische reactie op pollen. Dit wordt veroorzaakt doordat je afweersysteem de pollen herkent als een gevaarlijke indringer. Het immuunsysteem gaat vervolgens een antistof maken. Deze antistof bindt zich aan bijzondere cellen in je lichaam. Deze zogenaamde ‘mestcellen’ bevatten stoffen om indringers onschadelijk te maken.

Zodra je vervolgens opnieuw in aanraking komt met pollen, worden de pollen opgevangen door antistoffen. De ‘mestcel’ barst open en laat onder andere histamine vrijkomen. Histamine zorgt er onder andere voor dat je bloedvaten zich gaan verwijden. Als je neusslijmvlies geprikkeld wordt, komt veel vocht vrij en krijg je een loopneus. Vervolgens gaat je neusslijmvlies opzwellen en raakt je neus verstopt. Histamine kan zich bovendien hechten aan zenuwuiteinden waardoor je jeuk en niesbuien krijgt.

Hooikoortsseizoen
Wanneer deze pollen in de lucht zijn, is afhankelijk van het weer. Het weer kan namelijk de bloeiperiode van de grassen, bloemen, planten en bomen beïnvloeden. De meeste bomen, grassen en planten bloeien tussen februari en september. De piek van het hooikoortsseizoen ligt meestal in mei en juni, maar ook in de herfst kun je nog problemen ondervinden.

Om duidelijkheid te geven wanneer je last kunt hebben van hooikoorts is er de zogenaamde hooikoortskalender. Ook wordt er in het hooikoortsseizoen bij het weerbericht vaak een hooikoortsbericht vermeld. Hiermee kun je van te voren op de hoogte gebracht worden als er veel pollen in de lucht zijn.

Symptomen van hooikoorts
Veel voorkomende klachten bij hooikoorts zijn:

  • Loopneus
  • Tranende of jeukende ogen
  • Niesbuien
  • Verstopte neus
  • Benauwdheid
  • Jeuk (in de keel)
  • Keelpijn

Je kunt ook last krijgen van klachten als vermoeidheid, lusteloosheid of huiduitslag, maar dit komt minder vaak voor. Sommige mensen worden benauwd en gaan piepen. Een piepende ademhaling bij allergie kan duiden op astmatische aanvallen. Bij een aantal mensen komt hooikoorts namelijk in combinatie met astma voor.

 

Eczeem

Eczeem veroorzaakt veelal een droge, jeukerige rode huid. Dit kan met hooikoorts of astma (een chronische aandoening van de luchtwegen) te maken hebben. Eczeem kan er voor anderen wel wat naar uitzien, waardoor het kind gemeden wordt. Eczeem is echter níet besmettelijk! Niet voor alle vormen van eczeem bestaat een middeltje, maar altijd zal worden geprobeerd de symptomen te bestrijden. Jeuk is één van de belangrijkste. Een crème is het meest voorgeschreven middel. Een arts zal in de meeste gevallen een hydrocortisoncrème voorschrijven om de aangedane plekken mee in te smeren. Ook voeding lijkt een rol te spelen bij zowel allergische reacties als eczeem.

Internet: www.astmafonds.nl
E-mail: info@astmafonds.nl
Internet: www.voedingscentrum.nl

Welke klachten kunnen kinderen krijgen aan de oren?

Behalve de vele ‘standaard’ inentingen die kleine kinderen krijgen via consultatiebureaus of huisartsen, moet het kind ook standaard een gehoortest ondergaan. Het gehoor is een belangrijk gegeven in de spraak- en taalontwikkeling van het kind en je kunt er niet vroeg genoeg bij zijn om erachter te komen of het kind goed hoort.

De oren zijn niet alleen belangrijke organen (het gehoororgaan), maar vooral ook gevoelig als het gaat om ontstekingen. De meest voorkomende oorontstekingen zijn een buitenoorontsteking en een middenoorontsteking. We noemen hier kort de symptomen.

Buitenooronsteking
Wanneer de oorschelp wordt bewogen, doet het pijn. Het probleem ligt buiten het trommelvlies. Vaak wordt de ontsteking veroorzaakt door het schoonmaken van de oren met een wattenstaafje, iets wat echt niet nodig is. De was ofwel oorsmeer komt er vanzelf uit. Een arts schrijft veelal antibiotica voor als drankje of in de vorm van oordruppels om de ontsteking aan te pakken. Soms stopt een kind bijvoorbeeld een kraaltje in het oor dat een ontsteking teweeg kan brengen.

Middenoorontsteking
Deze vorm van oorontsteking komt bij kinderen het meeste voor, met name aansluitend op een flinke verkoudheid. De buis van Eustachius (die van achterin de keel naar het oor loopt) raakt namelijk tijdens die verkoudheid verstopt en ziektekiemen dringen met groot gemak de buis binnen, die bij kinderen tot ongeveer zes jaar kort en nauw is. Soms zijn kinderen er koortsig en ziek van en omdat een kind niet altijd duidelijk kenbaar kan maken dat het om het oor gaat, zal een arts daar bij een lichamelijk onderzoek zeker rekening mee houden en de oren controleren. Paracetamol die pijn en koorts wegneemt en soms neusdruppels, die de buis van Eustachius openen, kunnen verlichting geven. Soms moet er antibiotica aan te pas komen. In veel gevallen geneest een middenoorontsteking echter vanzelf.

Andere ooraandoeningen
Andere ooraandoeningen zijn een loopoor, ten gevolge van een infectie in het middenoor of een lijmoor, waarbij het middenoor en de buis van Eustachius zijn gevuld met taai slijm dat het gehoor aantast. De laatste aandoening komt echter nauwelijks nog voor.

Buisjes plaatsen
Wat wel veel voorkomt, is het plaatsten van buisjes in het trommelvlies wanneer er (te veel) vocht achter blijkt te zitten, waardoor de druk ongelijk wordt en het trommelvlies naar binnen wordt gezogen. Door middel van de buisjes is er weer een doorgang en wordt de druk aan beide zijden gelijk gehouden. Deze laatste ingreep is trouwens in ziekenhuizen een standaard ingreep. Vaak zijn de woensdagmiddagen op de KNO-afdeling ingedeeld als ‘buisjesdag’. Het kind wordt in een licht roesje gebracht en in een mum van tijd hebben de ouders het kind weer in de armen. Nog wel wat slapjes, maar voorzien van keurige oorbuisjes.

Van welke andere aandoeningen kan je kindje last hebben?

Kinderen zijn kwetsbare wezentjes en lopen snel iets op. Iedere ouder zal dat beamen. Pasgeboren baby’s mogen niet op de tocht en als ze eenmaal kunnen lopen, is buitenspelen heel gezond, maar bij een eerste zonnestraaltje rent een enthousiaste peuter al snel zonder jas de deur uit. Een verkoudheid is dan snel opgelopen. Of heeft die snotneus met een allergie te maken? Buikpijn. Misschien de spanning voor een verjaardag of is er meer aan de hand? En dan is er nog de gehoortest op het consultatiebureau. Kinderjaren zitten vol onzekerheden.

Schimmelinfectie
Een veelvoorkomende infectie is de voetschimmelinfectie die kinderen vooral oplopen in een zwembad of een gymzaal. Tussen de tenen jeukt het, is het rood, zitten er barstjes en schilfertjes en soms ook kleine blaasjes. Een antischimmelcrème kan de infectie verhelpen. De voeten goed wassen en daarna goed drogen helpt erger voorkomen. Evenals dagelijks schone katoenen sokken dragen! Lees ook het dossier over voetverzorging voor meer informatie over voetkwalen.

Spruw is ook een schimmelinfectie die voor kan komen bij baby’s. Er zijn witte vlekjes in de mond te zien, op de binnenkant van de wang of op de tong. Hierdoor raakt de binnenkant van de mond gevoelig. De schimmel komt van nature in onze darmen voor en bacteriën zorgen ervoor dat deze daar ook blijven. Soms kan dit evenwicht verstoord raken, bijvoorbeeld ten gevolge van een eerdere antibioticakuur. Met medicijnen is spruw tegen te gaan. Bij borstvoeding is het belangrijk dat de moeder ook haar tepelhof behandelt.

 

Oogaandoening
Er zijn uiteraard veel oogaandoeningen, maar we houden het hier op de meest voorkomende bij kinderen. Scheelzien is daar een voorbeeld van. De oorzaak is vaak bijziendheid of verziendheid. De afwijking is dan bij het ene oog sterker dan bij het andere, de oogspieren raken uit balans en scheelzien is het gevolg. Soms helpt een bril (die tijdelijk nodig kan zijn), een andere keer zijn oefeningen nodig. In het uiterste geval brengt een operatie uitkomst.

 

Buikpijn
Veel kinderen hebben af en toe last van buikpijn, maar dat hoeft absoluut niet alarmerend te zijn. Een beetje spanning of teveel snoepen kan gemakkelijk buikpijn veroorzaken. Ook verstopping kan buikpijn veroorzaken. Diarree (buikloop) en overgeven zijn andere verschijnselen die kinderen al snel kunnen oplopen. Gezond en vezelrijk voedsel is beter voor de darmen en kan veel problemen voorkomen. En uiteraard is het belangrijk bij het kind de spanning weg te nemen die de buikpijn veroorzaakte.

 

Blindedarmontsteking
Zit de ‘buik’pijn rond de navel en de rechteronderbuik en komt deze in periodes voor, dan kan er sprake zijn van een blindedarmontsteking. Vaak wordt de pijn vergezeld van misselijkheid. Koorts kan zich eveneens voordoen. Het is goed in zo’n geval de dokter te waarschuwen om erger (buikvliesontsteking) te voorkomen.

 

Bedplassen
Het ene kind is eerder zindelijk dan het andere. Driekwart van de kinderen blijft voor het vierde jaar de hele nacht droog. Pas vanaf een leeftijd van zes jaar wordt bedplassen als een probleem gezien. Eén op de zes kinderen heeft hier last van. Sommige kinderen zijn dan nog nooit ‘s nachts droog gebleven, anderen gaan na een periode van zindelijkheid weer in bed plassen.

Griep bij kinderen

Griep bij kinderen komt vaak in kleine epidemieën voor, aangezien kinderen elkaar makkelijk aansteken. Bijvoorbeeld op school of op de crèche. Griep wordt veroorzaakt door het influenzavirus en wordt daarom ook wel influenza genoemd.

Een kind met griep herken je aan de volgende symptomen:

  • Hoofdpijn
  • Rillingen
  • Vermoeidheid, futloosheid en een algeheel gevoel van ziekte
  • Koortsig
  • Pijnlijke en/of droge keel
  • Hoesten
  • Loopneus
  • Diarree
  • Braken
  • Pijn in benen en/of armen

Je kind hoeft niet al deze symptomen te hebben. Bij het vertonen van een paar symptomen kan je kind al griep hebben. De koortsige symptomen blijven bovendien ’s ochtends vaak uit en steken meestal pas in de middag de kop op.

Verminderde weerstand door griep
Griep veroorzaakt bij zowel volwassenen als kinderen een verminderde weerstand. Bij kinderen uit dit zich vaak in bacteriële infecties zoals een oorontsteking of bronchitis.

Moet ik naar de huisarts met mijn kind?
Is je kind jonger dan twee jaar en vertoont het koortsige symptomen? Neem dan dezelfde dag contact op met de huisarts. Als je kind ouder is dan twee jaar en koortsige symptomen vertoont, neem dan na drie dagen contact op met je huisarts. Je kunt eerst naar de huisarts bellen om advies te vragen of gelijk naar de praktijk of huisartsenpost gaan.

Wat kun je zelf doen voor je kind?
Je kind heeft vooral rust nodig, omdat het een virus is. Het influenzavirus verdwijnt doorgaans binnen een week. Zorg wel dat je kind genoeg drinken binnenkrijgt. Geef je kind eventueel een pijnstillend medicijn tegen de koorts en/of pijn.

Wanneer een griepprik bij een kind?
Kinderen van zes maanden of ouder kunnen een griepprik krijgen als ze diabetes mellitus, een hartziekte, een chronische longziekte of problemen met het afweersysteem hebben.

Kiespijn bij kinderen

Veel ouders zien kiespijn bij kinderen over het hoofd, omdat het lastig te herkennen is. Het bevindt zich namelijk op een plek waar veel meer (kinder)klachten kunnen voorkomen, zoals oorontsteking en hoofdpijn. Bovendien is het lastig voor kinderen om een exacte pijnlijke plek aan te wijzen.

Hoe herken je kiespijn bij kinderen?
Als je kind onderstaand gedrag vertoont, kan het last hebben van kiespijn.

  • Je kind heeft last tijdens het kauwen of kauwt alles aan één kant
  • Je kind wilt opeens geen zoetigheid meer eten
  • Je kind wilt niet meer tandenpoetsen en/of klaagt tijdens het tandenpoetsen
  • Je kind slaapt slecht
  • Je kind wilt niet meer eten, grijpt naar de wang tijdens het eten of huilt bij het eten
  • Je kind heeft last van oorpijn, vanwege uitstralende pijn van de kies naar het oor. Overigens kan oorpijn ook een andere oorzaak hebben, zoals verkoudheid of oorontsteking

 

Hoe komt mijn kind aan kiespijn?
Kiespijn heeft verschillende oorzaken. Deze komen het meeste voor bij kinderen:

  • Doorbrekende tandjes
  • Gaatjes
  • Tand- en kiesontsteking
  • Tand- of kiesbreuk
  • Tanden en kiezen wisselen
  • Tanderosie
  • Tandvleesontsteking
  • Te hard poetsen
  • Zuigflescariës

 

Wat te doen tegen kiespijn bij je kind?
Voor de meeste problemen geldt: als je de oorzaak aanpakt, verdwijnt het probleem vanzelf. Dat is hier in principe ook het geval, alleen heb je hier niet altijd invloed op. Doorbrekende tandjes en wisselen hoort er eenmaal bij. Je kunt de pijn wel verzachten met een koud kompres of een kinderpijnstiller. Bij gaatjes, ontstekingen enzovoort kun je langs de tandarts gaan. Let ook op het poetsgedrag van je kind, poetst het niet te hard?

Blijft je kind last houden van pijn? Neem dan contact op met de huisarts of het consultatiebureau.

Hoofdpijn bij kinderen

Hoofdpijn bij kinderen is meestal onschuldig, maar wel erg vervelend. Veelvoorkomende vormen van hoofdpijn bij kinderen vanaf zes jaar zijn migraine en spanningshoofdpijn. De pijn bij migraine is vaak heftiger dan bij spanningshoofdpijn.

Verschil hoofdpijn bij kinderen en volwassenen
Hoewel kinderen veel last kunnen hebben van hoofdpijn, is het meestal minder erg dan bij volwassenen. Ook gaat de hoofdpijn sneller over bij kinderen. Doorgaans duurt de hoofdpijn niet langer dan een paar uur. Vanaf de puberteit is de hoofdpijn vergelijkbaar met die van volwassenen.

Migraine en spanningshoofdpijn
Heeft jouw kind weleens hoofdpijn? Je kunt op een paar manieren migraine en spanningshoofdpijn onderscheiden. Dit is belangrijk, want migraine en spanningshoofdpijn vergen een andere behandeling.

Zo herken je migraine bij kinderen:

  • Je kind wordt soms wakker van de hoofdpijn
  • Je kind voelt aan één kant van het hoofd pijn
  • Je kind stopt met spelen of komt zelfs thuis van school
  • Je kind wilt liggen en ziet er slecht uit
  • Je kind is misselijk en moet soms overgeven
  • Je kind verdraagt soms geen hard geluid of fel licht

 

Zo herken je spanningshoofdpijn bij kinderen:

  • Je kind heeft soms moeite met inslapen, maar slaapt verder goed
  • Je kind voelt een drukkende en/of klemmende pijn
  • Je kind gaat vaak gewoon naar school en blijft doorgaan met spelen
  • Je kind ziet er niet ziek uit en wordt niet misselijk
  • Je kind vertelt achteraf pas dat het hoofdpijn had

Mijn kind heeft hoofdpijn, wat nu?

De aanpak van hoofdpijn bij kinderen verschilt per vorm. De adviezen bij migraine zijn:

  • Toon begrip en laat je kind met rust tot de aanval over is
  • Zorg dat je kind op regelmatige tijden naar bed gaat. Zo kan je een aanval voorkomen
  • Geef eventueel een kinderpijnstiller
  • Is je kind misselijk? Dan mag je ook een middel tegen misselijkheid geven
  • Breng de omgeving (vrienden, leerkrachten etc.) op de hoogte dat je kind last heeft van migraine
  • Heeft je kind op school een aanval? Spreek dan met de leerkracht af dat het ergens rustig kan liggen. Bij rust stopt de aanval vaak na korte tijd

De adviezen bij spanningshoofdpijn zijn:

  • Als je weet wat de aanleiding van de hoofdpijn is, bespreek dan met je kind om het de volgende keer te vermijden
  • Toon begrip, luister en ondersteun je kind waar dat nodig is
  • Zorg voor zowel ontspanning als beweging
  • Let erop dat je kind niet te lang in dezelfde houding zit, bijvoorbeeld achter de televisie of computer
  • Zorg dat je kind op regelmatige tijden naar bed gaat
  • Geef eventueel een kinderpijnstiller

Wanneer ga je naar de huisarts als je kind hoofdpijn heeft?
Ga naar de huisarts als je kind regelmatig last heeft van hoofdpijn. Deze kan je kind doorverwijzen naar een kinderarts, neuroloog, fysiotherapeut of oefentherapeut. In sommige gevallen verwijst de huisarts een kind door naar de psycholoog om met de hoofdpijn om te gaan. Neem ook contact op met de huisarts als:

  • Je kind jonger is dan zes jaar
  • De hoofdpijn na maatregelen genomen te hebben niet verdwijnt of erger wordt
  • De schoolprestaties onder de hoofdpijn lijden
  • Je kind een zware hoofdpijn heeft die het nooit eerder heeft gehad
  • De hoofdpijn gepaard gaat met koorts
  • Je kind problemen heeft met lopen, zien en/of coördinatie
  • Er andere verschijnselen zijn waarover je je zorgen maakt

 

Met spoed naar de huisarts
Bel of ga met spoed naar de huisarts of huisartsenpost als je kind zonder enige aanleiding snel opkomende, heftige hoofdpijn krijgt en zich erg ziek voelt. Ook bij heftige hoofdpijn, koorts, een pijnlijke of stijve nek, ’s ochtends overgeven of sufheid. Neem ook spoedig contact op met de huisarts als je kind hevige hoofdpijn heeft na een val of klap op het hoofd.

Tips bij kinderziekten

Als het kind zich ten gevolge van een bacteriële of virusinfectie niet lekker voelt, is het belangrijk daar met zorg op in te spelen. Kinderziekten kunnen nog zo onschuldig lijken, het kan nog altijd tot nare complicaties leiden. Hier enkele tips om het voor het kind zo min mogelijk belastend te maken:

  • In bed blijven is niet altijd nodig. Als het kind liever gewoon wat binnen speelt, moet dat kunnen.
  • Geef koorts een kans. Het is een natuurlijke reactie van het lichaam. Pas wanneer de temperatuur te hoog wordt (boven 39,5°C) of te lang aanhoudt, is het raadzaam een arts te raadplegen. Bij pasgeboren baby’s is koorts echter direct een reden om een arts in te schakelen.
  • Laat het kind voldoende drinken, zeker bij koorts.

Het allerbelangrijkste is misschien wel dat zieke kinderen aandacht vragen en die ook nodig hebben. Van jou als moeder of vader, van de oppas of de buurvrouw. Het maakt niet uit als het maar de nodige aandacht krijgt. Iedereen weet vast nog wel uit eigen ervaring dat je je al een stuk minder ziek voelt als je beneden op de bank mag liggen met je favoriete knuffels, een paar leuke boekjes en een glaasje versgeperste sinaasappelsap. En de tv aan misschien…

Handige adressen bij kinderziekten

Informatie en adressen

  • Vereniging voor Mensen met Constitutioneel Eczeem (VMCE)
    Postbus 3048
    6802 DA Arnhem
    026 – 35 14 160
  • Astma Patiënten Vereniging (VbbA)
    Secr. Ridderhof 58
    Postbus 30260
    6803 AG Arnhem
    026 – 32 14 446
  • Nederlands Astma Fonds
    Postbus 5
    2830 AA Leusden
    033 – 43 41 212
    Internet: www.astmafonds.nl
    E-mail: info@astmafonds.nl
  • CARA-lijn
    0800 – 22 72 596 (gratis op werkdagen van 09.00 – 17.00 uur)
  • Nederlandse Voedsel Allergie Stichting (NVAS)
    Postbus 207
    3860 AR Nijkerk
    033 – 46 55 098
  • Landelijk Informatiecentrum Voedselovergevoeligheid (LIVO)
    Postbus 85700
    2508 CK Den Haag
    070 – 35 47 343 (op werkdagen van 10.00 – 13.00 uur)
    Internet: www.voedingscentrum.nl
  • Huidinfolijn
    026 – 35 14 160