Balsport

Een sport waarbij één of meerdere ballen gebruikt worden, heet een balsport. Er zijn veel sporten op te noemen. De meeste teamsporten worden gespeeld met een bal: denk aan voetbal, hockey, handbal…maar ook zijn er individuele sporten waarbij gebruik wordt gemaakt van en bal: denk aan tennis, golf, squash.

Bijna elke vereniging kent een apart programma voor de allerkleinsten. De jongste teams spelen vaak nog geen wedstrijdjes of spelen alleen binnen de eigen vereniging. Voor voetbal geldt dat kinderen vanaf 6 of 7 jaar ook competities tegen andere clubs spelen.

Op veel basisscholen wordt peanutbal, de voorloper van honkbal, gespeeld. Op een vereniging kunnen kinderen vanaf 8 jaar beginnen met softbal (voor de meisjes) of honkbal (voor de jongens). Tot die tijd wordt ook hier peanutbal gespeeld.

Ondanks dat het geen zachtaardige sport is, is rugby geschikt voor kinderen vanaf 6 jaar.

Een aantal verenigingen in Nederland biedt tafeltennis aan voor kinderen vanaf 5 jaar. Er worden met name oog-hand coördinatie spelletjes gedaan en de slagtechniek wordt op een speelse manier geoefend. De oefeningen zijn gebaseerd op Table Stars, een programma van de NTTB. Dit programma is ook geschikt als opstap naar andere racketsporten zoals tennis, badminton en squash.

Leuke balsporten voor kinderen zijn:

American Footbal        Badminton        Basketbal        Beachvolleybal        Beeball         Bossabal     Bowlen        Cricket        Golf       Handbal        Hockey        Honkbal       IJshockey        Korfbal        Lacrosse        Midgetgolf   –    Petanque       Polo        Racquetball        Rugby        Softbal       Squash        Tennis        Voetbal   –    Waterpolo    –    Zaalvoetbal

Voor elke sport afzonderlijk wordt een speciale bal gebruikt, van groot tot klein, van effen tot gestreept. Om te bepalen of jouw kind aanleg heeft voor een balsport, is er een heel makkelijke foefje / test, ontwikkeld door bewegingswetenschapper Irene Faber.

Je kind staat één meter van de muur af en gooit een (tafel)tennisballetje met de ene hand tegen de muur. Met de andere hand vangt hij het balletje en gooit hij het balletje weer tegen de muur. Herhaal dit gedurende dertig seconden. Hoe hoger je kind scoort, hoe meer aanleg het heeft voor balsporten. Je kunt de test uitvoeren met een tafeltennisballetje of een tennisbal. Met als afstand één of twee meter van de muur.